GroenLinks Zeist

Onderwijs

GroenLinks wil de segregatie in het onderwijs tegengaan door alle schoolbesturen aan te spreken op hun verantwoordelijkheid. Via onderwijs wil GroenLinks achterstanden wegwerken, participatie bevorderen en doorstroming naar vervolgonderwijs en arbeidsmarkt mogelijk te maken.

GroenLinks wil dat de gemeente waar mogelijk stimuleert dat alle kinderen passend onderwijs krijgen. Onderwijs is ook een toegangspoort tot probleemgezinnen en docenten hebben een belangrijke signaalfunctie. De gemeente kan met preventie en voorlichting scholen helpen door te verwijzen naar de juiste hulpinstellingen. Zeker als het gaat om kinderen aanmelden voor sport of muziekles via het Jeugd Sportfonds of Jeugd Cultuurfonds kunnen leerkrachten veel meer doen. Kinderen van migranten hebben onze bijzondere aandacht: zij moeten evenveel kansen krijgen als andere kinderen in Zeist.

Iedere jongere zit op school of volgt een leerwerktraject: geen enkele leerplichtige jongere zit thuis. Bij problemen wordt samen met de jongere bekeken wat daarvan de oorzaak is. GroenLinks wil om de tafel met ondernemers over stage- en leerwerkplaatsen.

Ook volwassenen krijgen (een tweede) kans om een achterstand in taal of anderszins weg te werken. We bestrijden laaggeletterdheid bij zowel kinderen als volwassenen. Binnen onze gemeente komt er een integraal plan van aanpak laaggeletterdheid rond:

  • Eigen rol gemeente
  • Meedoen in de maatschappij
  • Werk & inkomen
  • Onderwijs & cultuur
  • Gezondheid & welzijn

Daarmee willen wij in deze collegeperiode een substantieel deel van de laaggeletterden bereiken. Hier komt zowel beleidsmatig als financieel een extra impuls voor.

GroenLinks wil extra investeren in taalonderwijs en (in combinatie met) digivaardig onderwijs. Steeds meer dienstverlening gaat via internet. Voor veel inwoners is dit heel prettig, maar er is ook een grote groep die niet digivaardig is. Deze groep raakt achterop, terwijl dat niet nodig is. Zeker als een kleine aansporing en leuke samenwerkingsprojecten vaak al snel en goed resultaat geven. Men voelt zich nadien vaak weer aangesloten.

Goed onderwijs is alleen mogelijk in schoolgebouwen die passen bij de eisen van deze tijd: schoon, veilig, comfortabel en groen. Schoolpleinen worden groen ingericht. De gemeente maakt een plan ‘Verduurzaming scholen’ en subsidieert duurzaamheids- en ventilatiemaatregelen. Daarmee trekt de gemeente investeringen los bij scholen en dat zorgt voor een impuls van de lokale economie.

Op scholen worden gezonde maaltijden aangeboden. GroenLinks wil dat de gemeente en de scholen lokale voedselproducten betrekken bij het bereiden van de maaltijd. Ook gaan kinderen op bezoek bij de boer om te zien waar hun eten vandaan komt. Zo leren kinderen al jong over voedsel en gezondheid. Alle scholen hebben moestuinen zodat iedere leerling de gelegenheid heeft om minstens een jaar in een schooltuin te werken. Met lokale MBO-horecaopleidingen worden afspraken gemaakt over kook- en proeflessen. Veel kinderen eten te weinig groente en eten te veel zout en vet. Met kook- en smaaklessen ontwikkelen zij jong hun smaak en ook hun gezondheid op de lange termijn.

De gemeente propageert de uitgangspunten van de ‘vreedzame school’: kinderen leren conflicten op een vreedzame manier op te lossen. Pesten wordt niet getolereerd. Op alle scholen in Zeist wordt pesten op een actieve en consequente manier bestreden.

Achterstanden worden vroegtijdig aangepakt. Met peuterspeelzalen en de kinderopvang maakt de gemeente afspraken over voor- en vroegschoolse educatie, waarbij wordt ingezet op zoveel mogelijk peuters naar de peuteropvang, verbetering van de kwaliteit van leidsters en docenten en op een warme overdracht naar de basisschool.

Alle kinderen met (een risico op een) taalachterstand nemen deel aan voorschoolse educatie.

Passend Onderwijs ligt niet alleen bij de scholen maar is ook een taak van de gemeente. De contacten tussen het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) en het basisonderwijs en voortgezet onderwijs zijn goed en heeft korte lijntjes. Iedere school heeft een vaste contactpersoon van het CJG zodat zorg en onderwijs goed op elkaar kunnen aansluiten.

Ook voor passend onderwijs is goede monitoring zeer belangrijk waarbij niet alleen moet worden gelet op het verminderen van aantallen thuisblijvers en uitvallers maar óók aandacht moet zijn voor de tevredenheid van leerlingen en hun ouders over het geboden passend onderwijs.

De bezoeken aan het consultatiebureau en de schoolarts/ Gemeentelijke Gezondheids Dienst (GGD) zijn een goed moment om taalachterstanden en andere problemen en hulpvragen bij kinderen (en ouders) vroegtijdig te signaleren en ernaar te handelen. Dat vraagt, ook voor de groep van 4-8, om intensieve samenwerking tussen het consultatiebureau, GGD, scholen en de gemeente.

Ook als het gaat om de jeugdgezondheidszorg (JGZ) is het belangrijk om een doorlopende lijn te hebben van de leeftijd van 0 tot 18. Omdat het om belangrijke publieke taken gaat, is het belangrijk om deze taken in publieke handen te houden of te krijgen, en dus om ze onder te brengen bij de GGD.